TU/e Honoursclass Programme 2007-2008
de genereuze stad: een mens als omgeving
Semester: 1
Programma: 10 Colleges & Excursie
Plaats: Multimedia Paviljoen
Docent: Dr. Jacob Voorthuis
Laboratorium:
Het laboratorium
dat het TU/e Honoursclass biedt is een onderzoek naar een op eerste gezicht
eenduidige maatschappelijke vraag: Hoe
woont de mens? Deze listige eenduidigheid lost op in een onrustig koor van
vervolgvragen: Wat is dan een mens, en wat is wonen? En als wonen de relatie
duidt tussen de mens en zijn omgeving, wat is dan de omgeving? Hoe moeten we
die beschrijven? En hoe staat de mens in relatie daartoe? Wat betekent het
eigenlijk de vraag “hoe” te stellen? Zodoende komen we terecht in een ongeplande
reis, een zwerftocht, waardoor we op slinkse wijze ook opeens een antwoord
verschuldigd zijn. En daar begint het probleem: Hoe beantwoord je de vraag:
“hoe woont de mens?” ? Want via het concrete geval: voorbeelden van de wonende
mens komen we onvermijdelijk bij de vragen: “is het wel goed zo?” “waar liggen
de knelpunten?’ “kan het ook anders?’ en “zo ja, hoe dan? en wat hebben we daar
voor nodig?” Dan pas komen we bij de meest interessante vraag: “hoe kan ik
bijdragen?” De titel van dit laboratorium biedt al een mogelijkheid maar daar
is nog weinig mee gezegd.
Om de volle breedte van de hoofdvraag te begrijpen hoeven we
slechts een eenvoudig voorbeeld te nemen: ga eens bij jezelf na hoe bedrijven
als Philips, Microsoft, Shell en Unilever het wonen van de moderne mens hebben
bepaald. Het wonen is niet alleen het gebied van de architect.
De reden om
dit thema te kiezen is dan ook eenvoudig: iedereen woont. En de vraag: “Hoe
woont de mens?” moet vooral ook door een technische universiteit en aan alle
faculteiten daarin gesteld worden omdat de techniek toch vooral de vraag van
het “hoe” in pacht heeft. Zo kunnen we vragen hoe onze eigen studie, zei het
wiskunde, scheikunde, Industrieel ontwerpen, werktuigbouw, elektrotechniek
enz., zich inmengt in het wonen, hoe het zich daarmee bezig houdt. Dat is voor
een architect niet minder relevant dan voor iemand die televisie schermen of
software ontwikkelt. Om maar een voorbeeld te geven, het inmiddels beroemde
boek getiteld “cradle to cradle,” waarin de vraag wordt gesteld hoe we op een
duurzame manier kunnen ontwerpen voor
een duurzame omgeving, is een partnership tussen een Duitse scheikundige en een
Amerikaanse architect! Het boek lanceert de stelling “Waste = Food” Vuilnis moet
voedzaam worden voor de levensketen waar de mens een onderdeel van is… De
consequenties van zo’n stelling zijn zeer intrigerend.[1]
Niettemin
zal de gebouwde omgeving als casus centraal staan in dit gezamenlijk onderzoek.
Al worden studenten van verschillende disciplines aangemoedigd hun eigen
discipline in het beeld te plaatsen.
Op deze
manier wordt de deelnemende student in staat gesteld:
·
een
beeld te vormen van de gebouwde omgeving en haar geschiedenis in concrete
voorbeelden
·
een
voorstelling te vormen van de relatie tussen de mens en zijn omgeving en de rol
van de technische vakken daarin
·
een
weg te vinden door de literatuur waarin de analyse van de mens in zijn omgeving
centraal staat
·
een
mening te vormen over de kwaliteit van onze gebouwde omgeving met de
bijbehorende argumentatie.
Kortom het
laboratorium verschaft kennis maar is tegelijkertijd een handleiding voor het
zelf vergaren van gegevens over het interpreteren en becommentariëren van de
mens in zijn maatschappelijke, ecologische, conceptuele context.
De
bijeenkomsten hebben de vorm van hoor- en werkcolleges, behelzen een excursie
naar specifieke gebouwen en steden en bezoeken aan nauw bij de omgeving betrokken
instanties. Naast lezingen, veel visueel materiaal en gesprekken met gasten en
excursies vormen opdrachten een belangrijk onderdeel van het laboratorium.
Opdrachten
dagboek
De student
begint een logboek waarin aantekeningen van de colleges worden aangevuld met
inzichten en:
Een gebouw uit de herinnering
De student
wordt geacht na het eerste college een interessant of aansprekend gebouw uit de
herinnering te halen daarbij documentatie een beeldmateriaal te zoeken, om deze
vervolgens in college 3 met de andere studenten te bespreken.
Ontwerp
Na een
inleidend college wordt de studenten gevraagd een ontwerp voor een huis te
maken voor een ander. De vereiste schetsen van plattegrond, aanzicht,
perspectief en doorsneden zullen in de werkplaats van Vertigo als maquette
worden gerealiseerd.
Literatuuronderzoek
Naaste het
bovenstaande zal de student gedurende de collegereeks ook literatuuronderzoek
moeten uitvoeren. Een digitale reader is wordt op het internet gezet. De
studenten worden in groepen verdeeld en worden gevraagd een artikel te kiezen
om te recenseren en in relatie te brengen tot een bestaand gebouw.
De beoordeling
De
beoordeling aan het eind van de reeks bestaat uit een “portfolio beoordeling”
waarbij gekeken zal worden naar zowel de producten alsmede het proces.
De producten
die zullen worden beoordeeld zijn: de recensie en het architectuurdagboek als
geheel. Het cijfer voor elk product zal worden gegeven aan het eind van het
laboratorium maar niet voor het product is geleverd en individueel is
besproken.
Het proces
wordt beoordeeld aan de hand de inzet van de student.
Programma
Architectuurlaboratorium Studiejaar 2007/2008
|
# |
Datum |
Onderwerp |
|
|
1 |
17.9 |
Kennismaking
& Inleiding |
|
|
2 |
24.9 |
Een
geschiedenis van een drietal ideeën in één |
Vitruvius
to Bill Hillier |
|
3 |
8.10 |
Vervalt |
|
|
4 |
15.10 |
Het
lichaam in de omgeving: ruimte en perceptie |
Henri
Bergson, Gregory Bateson, J.J. Gibson en Maurice Merleau Ponty |
|
5 |
22.10 |
De sfeer:
het interieur |
Gaston Bachelard, Adolf Loos en Le Corbusier |
|
6 |
29.10 |
Het beeld:
het exterieur en de plaats |
Martin Heidegger |
|
7 |
5.11 |
Regels
voor het mensenpark |
Peter Sloterdijk,
Gilles Deleuze en David Hume |
|
|
|
|
|
|
8 |
19.11 |
De Stad en
het Landschap |
Een korte
geschiedenis |
|
9 |
26.11 |
Macht en
de gebouwde omgeving |
Michel Foucault en Deyan Sudjic |
|
10 |
3.12 |
Ontwerpen |
Inleiding |
|
|
10.12 |
Maquette
bouwen |
Werkplaats |
|
|
17.12 |
Uitloopmogelijkheid |
|
[1] William McDonough & Michael Braungart,
(2002) Cradle to Cradle: Remaking the Way We Make Things.