|
Our words spoken in jest or
anger, the ash from our cigarettes, the spills of beer, the condensation of
our breath and the mud of our shoes, the rubbing of our perspiration staining
our clothes, dirtying the floor, moving the furniture, leave traces of
ourselves wherever we go, on the walls, on paper, you name it. These traces
are the evidence of our communion with daily life. Such traces are the
foundation of all forms of expression and so of a rather grand and mysterious
project. Georges Bataille
let his finely warped mind roam through the spaces of our time. Among others
the slaughter house. While he was there among the red meat and the
emasculated forms of meticulously dismembered animals, a fundamental fact
about modern life struck him. Slaughter used to be, and in some countries
still is, a religious activity. How then did the slaughterhouse come to be
divided from the temple? The life of the animal was a gift to man, the animal’s
death in sacrifice was -in turn- our gift to the divine. The blood was the
evidence of our involvement. What have we done in our rush to modernity? In
cleaning up the temple, in removing the blood and the flesh, replacing them
only with metaphors and symbols, have we not lost ourselves in our hygiene?
Has our cleanliness not separated us from our involvement with the world?
Almost in the same breath, Bataille writes about
museums. And there, by some silent rhetorical conspiracy, he answers his own
question. Museums and Galleries are the product of the separation between the
temple and the slaughterhouse. Art is the simulation of slaughter. At the
same time it is the genuine product of sacrifice. Art is the evidence of our
involvement: it traces our thought, our worries and sensibilities. They rub
off on the canvass and confront us with our awesome project: our selves. Art
makes us conscious of the fact that the separation between ourselves and the
blood and gore of sacrifice is actually incidental. The slaughter goes on in
daily life, in our effort to maintain and become. The deepest art represents
the mystery of the everyday. The second of my heroes of the moment is Theodor
Adorno. He asked if art merely shows us what we
are, in our narrowness or whether it does not provide the conceptual space
into which we can expand and grow. Or, as Nietzsche said it, to become what
we are. If that is true then art is the graph of our personal struggle into
humanity, the graph of our exertions to become larger and more generous in
our conception. That is our grand project. Galleries are slaughterhouses
disguised as temples. They have the function of surrounding us with the
awesome revelatory carcasses of the mind, which show us ourselves, so that we
may see ourselves from the inside, so that we may see the immense amount of
space still available for us to occupy, grow into and fill. BEELDende
kunst & ARCHITECTuur 7x272
|
TU/e Architectuur
Code: 7x272
Docent: Jacob
Voorthuis
Email: J.C.T.Voorthuis@bwk.tue.nl
Website: www.voorthuis.net
Studiepunten: 2
ECTS
SBU: 56
SBU
Tijd: Blok
B & C 2007-2008, Maandag, 7e en 8e uur, (15.30
tot 17:15)
Plaats: Zaal:
Auditorium 9
Inleveren werkstuk: 18 februari 2008
Lever het werkstuk in bij het Secretariaat van
Architectuur op vloer 7. Werkstukken worden na te zijn nagekeken weer op het
secretariaat opgeborgen en kunnen aldaar worden
opgehaald.
BESCHRIJVING
Beeldende kunst en architectuur hebben een wisselende
relatie onderhouden: nu eens innig met elkaar verstrengeld in een ‘Gesamtkunstwerk’ of in een lat relatie van ‘autonomie’ en
soms in een “marriage of convenience” in ‘bruikbaarheid’. Beide disciplines kunnen
als een vervouwing van ‘actie en reactie’ in een
wordingsproces via noties van beeldend denken en denkend ontwerpen worden
onderzocht op hun mogelijkheden. Architectuur en kunst zijn beiden documenten
van onze samenleving en elk document van onze samenleving is simultaan een
bewijs van barbarij én civilisatie. (Walter Benjamin) De relatie tussen beiden
geeft niet slechts voor architecten, maar ook voor iedere bouwkundige student
een noodzakelijk cultureel inzicht om over het eigen vakgebied te kunnen
reflecteren.
ONDERWIJSDOEL
Het oogmerk is om de student te
leren ‘kijken’. Dat wil zeggen dat hij leert begrijpen hoe een ‘kunstwerk’ tot
stand komt in de schepping ervan door de kunstenaar en in de herschepping ervan
door de waarnemer. Daarbij onderzoeken we onder welke culturele voorwaarden en
maatschappelijke mechanismen het werk zijn werking heeft. Zo ontwikkelt de
student een referentiekader waarin hij de betekenis van de gestelde relaties
kan onderscheiden, duiden en beoordelen. Kortom de student ontwikkelt een
kritisch apparaat, dat hem in staat stelt om op grond van inzicht en houding de
plaats van het gebouw in de samenleving te bepalen.
VORM
Om een ‘kapstok’ te bieden
wordt de inhoud chronologisch gepresenteerd, echter gaat het vooral om de
aandacht voor ‘strategieën van lange duur’ waarin ‘radicale vernieuwing’ dan
wel ‘historische continuïteit’ onderzocht worden. Het
aantal studenten leidt tot een werkvorm van 9 hoorcolleges, er is geen
tentamen, maar er wordt een werkstuk in
de vorm van een ‘dagboek’ gevraagd. Zie website studyweb.tue.nl of www.voorthuis.net {ga naar} “TU/e {en
click aan onder het hoofdje} 7x271
|
# |
Datum |
Programma |
|
1 |
8 oct |
RENAISSANCE: Een wedergeboorte van een wens en de
waarneming van de orde |
|
2 |
15 oct |
BAROK: Een theater van kennis, geloof en macht en de
ontdekking van schaal. |
|
3 |
22 oct |
ASSOCIATIE: Het schilderachtige en het verhevene:
psychologie en politiek |
|
4 |
29 oct |
MORAAL & SHOCK: de kunst als didactiek, als
engagement en de abstractie als middel tegen de nostalgie |
|
|
5 nov |
Vervalt in verband met voorbereidingsweek tentamen |
|
|
12 nov |
Tentamenweek |
|
5 |
19 nov |
TOEVAL: Het overschrijden van de grens van de
verbeelding en de kunstnorm |
|
6 |
26 nov |
EXPRESSIE & ‘t VERMETELE:
Het overgevoelige beeld, de droom, het drama en het trauma in een wereld van
wreedheid, macht en overschatting |
|
7 |
3 dec |
(P)OPULISME: Het spel met de
massacultuur, de ironie en de schijn als kritiek |
|
8 |
10 dec |
PRESENTIE: Het denken zelf, het concept in plaats van
representatie, kunst als oefening |
|
9 |
17 dec |
‘t ACTUELE: De thematisering van
erotiek, virtualiteit en mobiliteit |
|
|
|
|
Leerdoelen
Aan het eind van deze college
reeks is de student in staat:
Ieder hoorcollege geeft aandacht aan de volgende
aspecten.
WERKSTUK
Het maken van een dagboek stimuleert (nu en later in je
studie) een exploratief vermogen: ‘een beeldend
denken’.
De volgende activiteiten worden gevraagd:
I. Maak een beargumenteerde selectie van 3 kunstwerken
(waarvan maximaal 1 gebouw) Ieder kunstwerk wordt geanalyseerd met behulp van 4
schetsen. Deze schetsen worden duidelijk geannoteerd met een korte uitleg wat
de schets beoogd te duiden.
Analyse betekent “uit elkaar halen” Het gaat hier dan ook om schematische
tekeningen of diagrammen die de structuur, de opbouw/compositie,
dynamiek/beweging, het gebruik van licht en kleurgebruik of een ander gegeven
zó in beeld brengen dat hierdoor het kunstwerk met behulp van kleine annotaties
beter kan worden begrepen.
De analytische schetsen gaan gepaard met de volgende
informatie:
II. Het verder uitdiepen van één van de drie geselecteerde werken (500
woorden) met speciale aandacht voor:
1.
Compositie en betekenis
2.
Gebruik en (culturele)
context
3.
Techniek en materiaal
4.
Stijl en typologie
III. Maak een 2e selectie van 3 kunstwerken (wederom maximaal 1
gebouw). Maak van ieder werk een expressieve schets.
Een expressieve handschets probeert het werk niet zozeer te
analyseren, maar juist te karakteriseren. Het geeft duidelijkheid door in een
gecondenseerde vorm de “essentie” ervan vanuit jouw eigen ervaring of
perspectief over te brengen.
De expressieve schetsen gaan gepaard met de volgende
informatie:
Beoordeling:
De werkstukken worden beoordeeld op 5 criteria
Het is vooral belangrijk te zien dat de student zich met
plezier op het onderwerp heeft gestort en dat hij een eigen manier heeft kunnen
ontwikkelen om een gebouw/kunstwerk benaderen.
Ik wil absoluut geen fotokopieën binnen krijgen. Werkstukken
die uit overgeschreven internetsites of boeken bestaan worden als onvoldoende
beoordeeld en zullen derhalve moeten worden herkanst.
Literatuur
Verplichte literatuur:
John Berger, Ways
of Seeing, Penguin, 1972 en later
Alternatieve literatuur:
David Summers, Real
Spaces, World Art History and the Rise of Western Modernism, Phaidon, 2003
Maurice Merleau-Ponty, De Wereld Waarnemen, Boom, 2002
Leuke Site: Daniel Chandler’s Notes on the Gaze Analyse en Expressie
Inleverdatum
Dit boekwerkje moet worden ingeleverd op 18 Februari
2008
Op tijd
ingeleverde werkstukken die er verzorgd uitzien worden zo snel mogelijk
nagekeken en voorzien van bruikbare feedback.
slordige en incomplete werkstukken krijgen zonder nagekeken te worden een
onvoldoende en moeten derhalve worden herkanst.
Je kan mij altijd bereiken op mijn email adres j.c.t.voorthuis@bwk.tue.nl